De profeet Abraham - Deel 1

De uitnodiging van zijn vader en zijn volk.

In naam van Allah de Barmhartige de Genadevolle. En vrede en zegeningen zijn met eenieder van de profeten evenals met hen die hun boodschap volgen. Het onderwerp wat in deze video besproken zal worden is: De profeet Abraham - Deel 1.

Salamoe aleikoem, vrede zij met jullie! En welkom allemaal bij een nieuwe aflevering van verhalen over de profeten. Mijn naam is Ali en ik ga jullie vandaag iets vertellen over een van de profeten die Allah naar de mensheid heeft gestuurd. En de profeet die we vandaag gaan behandelen heeft een prachtig verhaal. Het is een van de 5 profeten die tot de ulu al’zam behoort, net zoals Noach vrede zij met hem. En de Koran schenkt veel aandacht aan het verhaal van deze profeet, en dat is natuurlijk een reden voor ons om eens goed te kijken naar zijn verhaal.

Het is een profeet die zodra hij een bevel kreeg van Allah hij deze direct uitvoerde, zoals we straks inscha Allah zullen zien, en dat is ook een van de redenen waarom Allah hem de titel heeft gegeven van “Khaleel”, wat vanuit het Arabisch boezemvriend betekent. Het verhaal dat we vandaag gaan behandelen is het verhaal van Abraham vrede zij met hem. En Abraham is natuurlijk een hele bekende profeet.

Het verhaal van Abraham zullen we gaan behandelen door middel van drie video´s en in deze video, deel 1, zullen we de volgende punten gaan bespreken:
- Zijn uitnodiging aan zijn vader
- De woordenwisseling van Abraham met zijn volk
- De verlossing van Abraham van het vuur

Zijn uitnodiging aan zijn vader:
Abraham werd door Allah gezonden in een tijd van afgoderij, wat betekent dat vrijwel iedereen in die tijd bezig was met het aanbidden van beelden, de natuur, mensen etc. Allah heeft toen uit Zijn Barmhartigheid de profeet Abraham naar de mensheid gestuurd om ze uit te nodigen naar het aanbidden van Allah alleen. Want zonder dat zal een persoon in het hiernamaals niet in het paradijs kunnen verblijven. De eerste persoon die Abraham uitnodigde naar het aanbidden van Allah, zonder het aanbidden van iets of iemand anders naast Allah was zijn eigen vader, Azar. Allah zegt hierover in de Koran, hoofdstuk 19 vers 41-48:

وَاذْكُرْ فِي الْكِتَابِ إِبْرَاهِيمَ إِنَّهُ كَانَ صِدِّيقاً نَّبِيّاً  إِذْ قَالَ لِأَبِيهِ يَا أَبَتِ لِمَ تَعْبُدُ مَا لَا يَسْمَعُ وَلَا يُبْصِرُ وَلَا يُغْنِي عَنكَ شَيْئاً  يَا أَبَتِ إِنِّي قَدْ جَاءنِي مِنَ الْعِلْمِ مَا لَمْ يَأْتِكَ فَاتَّبِعْنِي أَهْدِكَ صِرَاطاً سَوِيّاً  يَا أَبَتِ لَا تَعْبُدِ الشَّيْطَانَ إِنَّ الشَّيْطَانَ كَانَ لِلرَّحْمَنِ عَصِيّاً  يَا أَبَتِ إِنِّي أَخَافُ أَن يَمَسَّكَ عَذَابٌ مِّنَ الرَّحْمَن فَتَكُونَ لِلشَّيْطَانِ وَلِيّاً  قَالَ أَرَاغِبٌ أَنتَ عَنْ آلِهَتِي يَا إِبْراهِيمُ لَئِن لَّمْ تَنتَهِ لَأَرْجُمَنَّكَ وَاهْجُرْنِي مَلِيّاً  قَالَ سَلَامٌ عَلَيْكَ سَأَسْتَغْفِرُ لَكَ رَبِّي إِنَّهُ كَانَ بِي حَفِيّاً  وَأَعْتَزِلُكُمْ وَمَا تَدْعُونَ مِن دُونِ اللَّهِ وَأَدْعُو رَبِّي عَسَى أَلَّا أَكُونَ بِدُعَاء رَبِّي شَقِيّاً

"En noem in het Boek Ibrahim (Abraham). Hij was een man van de waarheid, een profeet. Waarlijk! Hij zei tegen zijn vader: 'O mijn vader! Waarom aanbid jij datgene wat niet hoort of ziet, noch waar jij iets van krijgt? O mijn vader! Waarlijk! Er is tot mij kennis gekomen die niet tot jou is gekomen. Volg mij dus. Ik zal je op het Rechte Pad leiden. O mijn vader! Aanbid de duivel niet. Waarlijk! Sheitan is een opstandige tegen de Weldadigste. O mijn vader! Ik vrees dat een bestraffing van de Vrijgevigste jou zou treffen, zodat jij een metgezel van Sheitan wordt.' Hij zei: '"Verwerp jij mijn goden, O Ibrahim? Als jij hier niet mee ophoudt, zal ik je zeker stenigen. Ga dus weg van mij voor een heel lange tijd voordat ik je straf.' Ibrahim zei: "Vrede zij met jou! Ik zal voor vergiffenis van mijn Heer voor jou vragen. Waarlijk! Hij 'is voor mij altijd de Vrijgevigste. En ik zal mij van jou afkeren en van diegenen die jij naast Allah aanroept. En ik zal mijn Heer roepen; en ik hoop dat ik niet in mijn aanroepingen tot mijn Heer ongezegend moge zijn."

Hier vermeldt Allah de onenigheid tussen Abraham en zijn vader en hoe hij hem uitnodigde tot de waarheid met vriendelijke woorden, terwijl hij hem de dwaling uitlegde van de aanbidding van afgoden. Afgoden die de smeekbedes van hun aanbidders niet kunnen horen en ook niet kunnen zien waar ze zich bevinden. Hoe konden dergelijke afgoden dan baten in ondersteuning of onderhoud? Hij vertelde zijn vader dat Allah hem  kennis en leiding had gegeven, hoewel hij nog zo jong was, door te zeggen: "O mijn vader! Er is tot mij kennis gekomen die niet tot jou is gekomen. Volg mij dus, ik zal je op het Rechte Pad leiden," hetgeen betekent de rechte, gemakkelijke en duidelijke weg die je naar het goede zal leiden in het wereldse leven en het hiernamaals.

Zijn vader gaf geen gehoor aan zijn advies en bedreigde hem zelfs door te zeggen: "Verwerp jij mijn goden O Abraham? Als jij hier niet mee ophoudt, zal ik je zeker stenigen. Ga dus weg van mij voor een lange tijd, voordat ik je straf ". Abraham gaf hem antwoord door te zeggen: "Vrede zij met je" "Ik zal voor vergiffenis van mijn Heer voor jou vragen. Waarlijk! Hij is voor mij altijd de Vrijgevigste ". Daarna zei Abraham: "En ik zal mij van jou afkeren en van de afgoden die jij naast Allah aanroept. En ik zal mijn Heer aanroepen; en ik hoop dat ik niet in mijn aanroepingen tot mijn Heer ongezegend moge zijn”.

Abraham vroeg vergiffenis aan Allah voor zijn vader, zoals hij hem beloofd had, maar toen het duidelijk werd, dat hij een vijand van Allah was, maakte hij zich los van hem. Dit zegt Allah in hoofdstuk 9 vers 114:

وَمَا كَانَ اسْتِغْفَارُ إِبْرَاهِيمَ لِأَبِيهِ إِلاَّ عَن مَّوْعِدَةٍ وَعَدَهَا إِيَّاهُ فَلَمَّا تَبَيَّنَ لَهُ أَنَّهُ عَدُوٌّ لِلّهِ تَبَرَّأَ مِنْهُ إِنَّ إِبْرَاهِيمَ لأوَّاهٌ حَلِيمٌ

“En de aanroeping van Ibrahim voor de vergiffenis voor zijn vader was slechts vanwege een belofte die hij hem had gegeven. Maar toen het hem duidelijk werd dat hij een vijand van Allah was, verwijderde hij zichzelf van hem. Want Ibrahim was zachtmoedig en verdraagzaam.”

En dit klinkt natuurlijk erg zwaar, een vijand van Allah, maar de vraag is waarom dit zo wordt gezegd? Dit word zo gezegd omdat de vader van Abraham afgoden aanbad. Daar bovenop weigerde hij de oproep naar het monotheïsme te volgen en bedreigde hij ook nog eens zijn eigen zoon die door Allah met het profeetschap gezegend was.

De woordenwisseling van Abraham met zijn volk:
Nadat Abraham meerdere malen zijn vader had uitgenodigd naar het aanbidden van Allah gaf Abraham dezelfde boodschap door aan zijn volk. Allah zegt hierover in de Koran, hoofdstuk 6 vers 75-79:

وَكَذَلِكَ نُرِي إِبْرَاهِيمَ مَلَكُوتَ السَّمَاوَاتِ وَالأَرْضِ وَلِيَكُونَ مِنَ الْمُوقِنِينَ  فَلَمَّا جَنَّ عَلَيْهِ اللَّيْلُ رَأَى كَوْكَباً قَالَ هَـذَا رَبِّي فَلَمَّا أَفَلَ قَالَ لا أُحِبُّ الآفِلِينَ  فَلَمَّا رَأَى الْقَمَرَ بَازِغاً قَالَ هَـذَا رَبِّي فَلَمَّا أَفَلَ قَالَ لَئِن لَّمْ يَهْدِنِي رَبِّي لأكُونَنَّ مِنَ الْقَوْمِ الضَّالِّينَ  فَلَمَّا رَأَى الشَّمْسَ بَازِغَةً قَالَ هَـذَا رَبِّي هَـذَا أَكْبَرُ فَلَمَّا أَفَلَتْ قَالَ يَا قَوْمِ إِنِّي بَرِيءٌ مِّمَّا تُشْرِكُونَ  إِنِّي وَجَّهْتُ وَجْهِيَ لِلَّذِي فَطَرَ السَّمَاوَاتِ وَالأَرْضَ حَنِيفاً وَمَا أَنَاْ مِنَ الْمُشْرِكِينَ

“Dus hebben Wij Ibrahim het koninkrijk der hemelen en van de aarde laten zien, zodat hij één van degenen is die zekerheid hebben. Toen de nacht hem met duisternis bedekte, zag hij een ster. Hij zei: 'Dit is mijn Heer.' Maar toen die onderging, zei hij: 'Ik houd niet van wat ondergaat.' Toen hij de maan op zag komen, zei hij: 'Dit is mijn Heer.' Maar toen hij onderging zei hij: 'Tenzij mijn Heer mij leidt, zal ik zeker onder het dwalende volk verkeren. ' Toen hij de zon op zag komen, zei hij: 'Dit is mijn Heer. Dit is de grootste.' Maar toen die onderging, zei hij: 'O, mijn mensen! Ik ben waarlijk vrij van alles wat jullie als deelgenoten aan Allah toevoegen. Waarlijk, ik heb mijn gezicht tot Hem Die de hemelen en de aarde heeft geschapen, toegekeerd 'hanifan' en ik behoor niet tot degenen die anderen naast Allah aanbidden.”

Dit is een prachtig gesprek van Abraham, want op deze manier liet hij zijn volk zien dat de hemellichamen die zij aanbaden, niet als goden beschouwd konden worden, omdat ze geschapen waren en beheersd worden door Allah. Zij komen op een bepaalde tijd op en op een andere tijdstip gaan ze onder. Abraham bewees zijn volk dat de ster niet geschikt was om een god te zijn. Vervolgens sprak hij over de maan die nog meer licht geeft, en over de zon die nog helderder en groter in pracht is. Daarna legde hij aan hen uit, dat dergelijke hemellichamen aan de wil van Allah onderworpen waren. Dit is in overeenstemming met de uitspraak van Allah in hoofdstuk 41 vers 37 waarin Allah zegt:

وَمِنْ آيَاتِهِ اللَّيْلُ وَالنَّهَارُ وَالشَّمْسُ وَالْقَمَرُ لَا تَسْجُدُوا لِلشَّمْسِ وَلَا لِلْقَمَرِ وَاسْجُدُوا لِلَّهِ الَّذِي خَلَقَهُنَّ إِن كُنتُمْ إِيَّاهُ تَعْبُدُونَ

“En van Zijn tekenen zijn de nacht en de dag, en de zon en de maan. Kniel niet voor de zon of de maan, maar kniel voor Allah Die hen (de zon en de maan dus) geschapen heeft, als jullie Hem (echt) willen dienen.”

De verlossing van Abraham van het vuur:
Nadat Abraham zijn vader en zijn volk meerdere malen met duidelijk bewijs had uitgenodigd naar het aanbidden van Allah werd het tijd om een nieuwe manier te bedenken om hen uit te nodigen naar de islam. Abraham bedacht een plan, een nieuwe manier om zijn volk wakker te schudden en om ze te laten zien dat hetgeen zij aanbaden naast God valse afgoden waren. Allah zegt hierover in de Koran, in hoofdstuk 21 vers 57 dat Abraham zei:

وَتَاللَّهِ لَأَكِيدَنَّ أَصْنَامَكُم بَعْدَ أَن تُوَلُّوا مُدْبِرِينَ

“En bij Allah, ik zal een plan maken om jullie beelden, nadat jullie weg zijn gegaan en jullie ruggen toegekeerd hebben, te vernietigen”.

Abraham zou dit plan uitvoeren tijdens een religieus feest, en zijn volk  zou de stad verlaten om dat feest bij te wonen. Abraham zelf was ook uitgenodigd voor dit feest, maar hij gaf aan dat hij niet zou komen. Dus toen zijn volk hem verlaten had kreeg Abraham de kans om zijn plan uit te voeren. Toen zij weg waren stapte Abraham af op de beelden die door zijn volk aanbeden werden, en deze beelden hadden uitgebreide maaltijden voor zich liggen, die door de mensen die deze beelden aanbaden aan hen werden voorgeschoteld. Allah vertelt ons in de koran dat Abraham zich spottend keerde naar deze beelden en ze vervolgens vroeg: “Gaan jullie niet eten? Wat is er met jullie dat jullie niet spreken?” 

Vervolgens vernielde Abraham deze beelden behalve het grootste beeld. Toen de mensen naar de tempel terug kwamen waren ze verbaasd over datgene wat ze zagen. Hun tempel was vernietigd, hun beelden waren allemaal vernietigd op de grootse na, en ze vroegen zich af wie hun dit had aangedaan. Terwijl ze hierover aan het praten waren noemde een van hen de naam van Abraham, en deze persoon legde de mensen van de tempel uit dat Abraham altijd slecht praatte over de beelden: “Dat deze beelden door de mensen zelf gemaakt werden en dat Allah alleen het recht heeft om aanbeden te worden.”

Dus werd Abraham opgeroepen door de mensen van de tempel. Eenmaal aangekomen vroeg Abraham ze: “Aanbidden jullie datgene wat jullie zelf hebben gemaakt? Terwijl Allah degene is die jullie heeft geschapen en hetgeen jullie maken?” De mensen die de beelden aanbaden waren woedend en vroegen: “Ben jij degene die dit onze Goden heeft aangedaan Abraham?” Maar Abraham had het grootse beeld heel gelaten voor een reden. Abraham vertelde zijn volk dat hij (het grootste beeld dus) het had gedaan en zei: “De allergrootste onder de beelden heeft het gedaan, vraag het maar aan ze!”

Toen Abraham ze op deze manier had uitgedaagd, raakten de mensen in de war. Zij verweten elkaar voor het niet beschermen van hun goden en zeiden tegen Abraham: “Jij weet heel goed dat deze beelden niet kunnen praten.” En dit is waar Abraham zijn volk wilde hebben. Hij vroeg ze dan ook: “Aanbidden jullie iets in plaats van Allah wat jullie niet kan baten of schaden? O wee voor jullie en voor hetgeen jullie aanbidden in plaats van Allah. Hebben jullie dan geen verstand? Hoe kunnen jullie nou iets aanbidden wat jullie zelf gemaakt hebben?”

Het volk van Abraham had hier geen antwoord op, hoewel het antwoord duidelijk was. Abraham heeft ze met duidelijke bewijzen aangetoond dat deze beelden vals waren en het niet verdienen om aanbeden te worden. De Enige die dat verdient is Allah. En omdat zij geen antwoord hierop hadden, werden ze woedend en besloten ze Abraham levend te verbranden. Zijn volk verzamelde enorm veel hout waarvan ze een groot vuur maakten om vervolgens Abraham levend erin te gooien. Maar Abraham bleef vertrouwen in Allah en bleef standvastig en sprak de volgende woorden uit toen hij het vuur werd ingegooid: “Allah is mij voldoende en Hij is een uitstekende beschermer.”

Dit is een voorbeeld van waarom de profeet Abraham (in positie) verheven is door Allah. Abraham nodigde uit naar Allah met woord en daad en ging zelfs zover dat hij bereid was zijn leven op te geven omwille van Allah. Allah verloste hem dan ook van het vuur, want Abraham had nog een groter doel voor zich. Hij zou later de vader worden van andere profeten. Allah zegt hierover in de Koran in hoofdstuk 21 vers 69 en 70:

قُلْنَا يَا نَارُ كُونِي بَرْداً وَسَلَاماً عَلَى إِبْرَاهِيمَ  وَأَرَادُوا بِهِ كَيْداً فَجَعَلْنَاهُمُ الْأَخْسَرِينَ

“Wij zeiden: “O vuur! Wees koel en veilig voor Ibrahim!' En zij wilden hem kwetsen, maar Wij maakten hen tot de ergste verliezers.”

Op deze manier werd Abraham verlost van het vuur en op deze manier werd het zijn volk duidelijk gemaakt dat de beelden die ze aanbaden vals waren. Dat brengt ons aan het einde van het eerste deel van het verhaal van de Profeet Abraham, vergeet niet terug te komen voor deel 2, dan zullen we het gaan hebben over de reis van Abraham naar Egypte en Mekka en over de geboorte van Ismael, voor nu, bedankt voor het kijken en tot de volgende keer. Salamoe aleikoem, vrede zij met jullie!